Het nationale club weekend van dit jaar werd door Kees Bognetteau en Pieter Horst georganiseerd, en wel in Zeeland. In het diepe zuiden dus. Voor velen een heel eind rijden, maar voor onze zuidelijke clubleden eindelijk eens wat dichter bij huis.

Bij mij thuis werd de bestemming ook met aangename verrassing bekend. We hebben onze roots deels in Zeeland, dus hebben we plannen gemaakt om deze keer eens samen, mijn meisje en ik, naar de nationale rally te gaan. Maar kamperen is niet echt fijn als je longen niet helemaal gezond zijn. Het alternatief was snel bedacht; een Bed and Breakfast. Maar waren die er wel in Zeeland en ook nog in de buurt van Kleverskerke. Nou, zeker was die er. Hemelsbreed nog geen 2 km verwijderd van de Indian camping, maar er lag wel een kanaal tussen. Dat betekende dat ik met de motor moest omrijden via Middelburg of via Veere. De laatste was het kortst en had een lastige oversteek over de deuren van de sluis, ongeveer een 741 stuur breed. Een Chief bleef er in hangen. Maar het was wel de snelste weg omdat er weinig verkeer was.

De reis begon op vrijdag 25 mei, met de motor op de kar en met heel mooi weer. De vooruitzichten waren ook al zo goed. Onze B&B bleek een fantastisch plekje te zijn in een afzonderlijk gebouwtje, lees; verbouwde schuur, bij een boerderij aan een doodstille weg. Op zondagmiddag na, toen onze motorclub langs kwam, maar dat was later. Er was genoeg ruimte voor ons, de kar en auto. De motor en de fietsen konden binnen staan in de kapschuur. Uiteraard had onze “landlord” veel belandstelling voor die mooie oude motorfiets, en de verhalen van het nationale weekend bij hen in Zeeland en de geschiedenissen van Indian.

Natuurlijk zijn we direct na het installeren naar de Indian camping “Zonnekoningin” in Kleverskerke gegaan om iedereen te begroeten. Leuk, knus kampeerterrein voor de club alleen. De schuur was geweldig omgetoverd tot een Saloon voor de Bikers. Iedereen was net geïnstalleerd of er nog mee bezig. Na dat rondje en alle bekende gezichten hebben we in Arnemuiden een vette bek gescoord. En wij niet alleen. We konden in die snackbar tot onze verrassing “miss Indian” met haar familie begroeten. Was gezellig!

Hoewel ik wist dat de rallyvrijdagavond op de Indiancamping tot één van de gezelligste van het jaar moet worden gerekend, Corrie heeft daar terecht op gewezen, besloten we toch om op ons stekkie te blijven en wat rust te nemen. Een stille nacht volgde en zo werd het zaterdag. Die ving aan met een zeer luxueus en uitgebreid ontbijt van onze gastvrouw en gastheer. Zo’n B&B is duurder dan een camping, maar je hebt ook wat!

Direct daarop heb ik het motorpak aangehesen en ben ik op de motor naar de Zonnekoningin gegaan. Om 11.00 uur zou daar de eerste toerrit starten. Ik kon mooi aansluiten voor een prachtige rit door het Zeeuwse land. Het werd een rondje oostwaarts, langs het Veerse Meer en door het binnenland met een prachtig landschap waar Zeeland zo bekend om is. Akkers waar de gewassen hun best doen om volgroeid te raken, bospercelen en markante boerderijen. Een daartussen de mooie dorpjes. We hadden weer veel bekijks met onze “ouwetjes” en met veel positieve reacties. De tussenstop in het Trekkermuseum was interessant en niet alleen door de prima lunch die ze daar serveerden. Het mooie weer deed menigeen in het gras belanden omdat de tafels onder de partytent vol waren en warm. Die trekkers symboliseren een hele ontwikkeling daar op dat Zeeuwse boerenland.
Ik kan me niet herinneren of er nog motoren waren die de rit op de bezemwagen moesten voltooien. Het is wel weer een teken dat we onze fietsen op een technisch hoog niveau hebben.
Mijn eega had de gelegenheid genomen om eens lekker te gaan shoppen in Middelburg. Op fietsje ernaar toe en ongestoord door het ongeduld van manlief kijken, passen en snuffelen. Ze heeft een paar mooie slagen kunnen slaan.

De zaterdagavond is altijd het moment voor het clubdiner. Deze keer een barbecue verzorgd door de slager uit het dorp. De opzet was iets anders en dat werd niet door iedereen begrepen. Daardoor dreigde er een tekort aan salade en groenvoer. Door kordaat ingrijpen van Kees, die tussen de happen door de buffetgangers van een gepaste hoeveelheid voorzag, was er voor iedereen toch genoeg. Aan de hoeveelheden vlees in het algemeen lag het niet. Er was nog veel over aan het eind van onze maaginhoud. We konden tot laat buiten zitten. De zon hield het tot aan de horizon vol. Als altijd was het gezellig en werd het lekker laat.

Op zondag was er een rit uitgezet die naar het westen ging, naar de Noordzeekust. En dat kunnen we gerust letterlijk nemen. Wat een prachtgezicht zoals die Indians over de Duindingesweg, Zeedijk, strandpad en Schelpweg gingen. Maar het mooiste vond ik toch de doortocht in Domburg. Want als je belangstelling en veel positieve reacties wilt hebben en wil laten zien wat een Indianclub is, dan moet je op Pinsterzondag met mooi weer dwars door een Zeeuwse badplaats gaan. En lekker met een gangetje van 50 er doorheen rijden is er niet bij. Keer op keer stoppen en naar het grijnzende publiek groeten, ik vond het prachtig!

Westkapelle en Zoutelande gingen wat vlotter. De opstelling op het plein van Dishoek tijdens de koffiestop, trok ook weer veel bekijks. Daar trof mijn vrouw ons ook weer. Ze heeft er lekker gefotografeerd, waarvan bij dit verhaal wat resultaten staan. Maar al met al waren we veel tijd kwijt en we zouden nog naar het vliegveld Midden Zeeland. We moesten de boulevard van Vlissingen laten schieten, helaas. Achteraf maar goed, want daar was ook een evenement aan de gang waardoor we er zeker niet over hadden kunnen rijden.

Op het vliegveld kon een rondvlucht gemaakt worden. Velen hebben daar gebruik van gemaakt. Er ontstonden zelfs wachtrijen, maar naar ik hoorde was het zeker de moeite waard en helemaal niet eng. Zweven of motorvliegtuig, men kon kiezen. Ook de hangaar met vliegtuigen die gereviseerd of gerestaureerd werden was de moeite waard. Daar kon je zien hoe licht en toch stevig zo’n vliegtuig geconstrueerd is. De achterblijvers hadden het na verloop van tijd wel gezien en zochten de camping weer op.

En dan ontstaat weer het bekende patroon. Er zijn er die al aan vertrek denken en de boel gaan opbreken. Anderen blijven nog een dag of langer. Tot die laatsten hoorden wij ook deze keer.
Het besef dat ook dit weekend weer ten einde loopt dringt langzaam door. Zondag avond hebben we in een bijna subtropische sfeer in Veere op het terras gegeten met twee mannen die veel over hun buitenlandse ervaringen konden vertellen. Alle terrassen waren goed bezet. Ook met Indianen. Dat blijkt dan ook als er wordt opgebroken. Er staan dan zwart leergejackte mannen op om naar hun Indian te gaan. De een trapt ‘m aan en rijd rustig weg en de ander heeft een vrouwelijke passagier gescoord die wel een stukkie mee wil op zo’n oude fiets. Dat-ie afslaat, mag de pret niet drukken. Er dat mag niet onopgemerkt blijven dus volgt een rondje met een heftig knallende uitlaat en veel hilariteit en een zoen. Mooi toch!

Mijn vrouw en ik hebben nog drie hele dagen van het Zeeuwse kunnen genieten. Strand, ze heeft me toch naar de winkels van Middelburg meegekregen, fietsen, mosselen, kopje koffie. Het was genieten onder een prachtig blauwe hemel.

Kortom het was weer een gedenkwaardig weekend.
Kees en Pieter, bedankt uit de grond van mijn hart.

Zwolle, Everhard van Lunteren